Gaan we afkoop partneralimentatie meer zien nu de duur van de partneralimentatie is beperkt?

De wijziging in de duur van de partneralimentatie is per januari 2020 ingegaan. De, maximale, duur van de partneralimentatie is beperkt. Voor meer informatie inzake deze wijzigingen zie ook mijn artikel: Wet partneralimentatie per januari 2020; alles op een rij.

In de praktijk heeft dit gevolgen. Hypotheekverstrekkers houden rekening met een te ontvangen partneralimentatie als dit voor een periode van 10 jaar een behoorlijke zekerheid is. Bij een looptijd korter dan 10 jaar heeft dit een effect op de leencapaciteit; deze wordt verlaagd. Het verkrijgen van een hypotheek is lastiger; dat is soms lastig in de huidige woonmarkt.

Een bedrag in een keer als afkoop partneralimentatie kan dan handig zijn.

Voorbeeld: De leencapaciteit bij een partneralimentatie met een duur van minimaal 10 jaar, van € 850,- bruto heeft een positief effect op de leencapaciteit van circa € 45.000,-.

Als partijen een eenmalige afkoopsom afspreken kan dit al helpen bij aankoop van de woning.

In mijn praktijk zijn dit jaar (2020) al een aantal partijen ertoe overgegaan de partneralimentatie af te kopen waardoor er toch meer ruimte is voor aankoop van de woning. In deze situaties was dit mogelijk doordat er vermogen was. Daarbij had de alimentatiegerechtigde ook een inkomen waarvan geleefd kan worden in de toekomst.

Wat is afkopen van partneralimentatie?

Afkopen van partneralimentatie is niet anders dan nu een hoger bedrag uit het vermogen te ontvangen in ruil voor een periodieke uitkering in de vorm van een partneralimentatie.

Vaak wordt dit afkopen juist in onderling overleg bereikt; in mediation of tijdens een viergesprek met de advocaten erbij.

Een paar voor- en nadelen:

Voor de een zijn de voordelen een nadeel voor de ander.

Voordeel is dat je direct van elkaar af bent mbt deze verplichtingen. Deze verplichtingen worden in een keer afgekocht.

Wijzigingen in de toekomst hebben geen invloed meer; samenwonen een inkomensstijging of daling hebben geen effect meer.

De alimentatiegerechtigde kan, in het jaar van afkoop, een hoog belastbaar inkomen hebben dat effect kan heeft op toeslagen als het kindgebondenbudget. Dit kan worden voorkomen door juiste afspraken te maken inzake het fiscaal partnerschap.

Het risico van een eventueel verhaal ten gevolge van de bijstand blijft bestaan.

Er zijn nog tal van voor- en nadelen te bedenken.

Praktijkvoorbeeld

In mijn praktijk komt het vaak voor dat een van de partners in de gezamenlijke woning wil blijven wonen. Niet alleen voor zichzelf maar ook in het belang van de kinderen. Het is niet altijd mogelijk de ander uit te kopen en te ontslaan uit de hoofdelijkheid van de hypotheek. Door middel van het afkopen van partneralimentatie is het mogelijk de overwaarde op deze manier te verrekenen. Dit is alleen mogelijk als er ook daadwerkelijk een alimentatieplicht is en indien degene die de woning blijft bewonen voldoende inkomen heeft om de woonlasten te voldoen.

Fiscale gevolgen

De afkoopsom van partneralimentatie is bij de ontvanger belast. Ook de overwaarde die wordt toebedeeld als afkoop partneralimentatie. Voor degene die deze afkoopsom betaalt (of afziet van overwaarde in deze vorm) ontstaat een aftrekpost voor de inkomstenbelasting als persoonsgebonden aftrek.

Indien het convenant op een juiste manier wordt opgesteld kan in het jaar van ontbinding van het fiscaal partnerschap (einde huwelijk/geregistreerd partnerschap) kan deze afkoop van partneralimentatie, door verschuiving van vermogen of betaling van een bedrag in een keer, redelijk neutraal worden afgerond. De aftrekbaarheid van partneralimentatie (en ook de afkoopsom) is in 2020 beperkt tot 46%[1], de belasting is maximaal 49,5%. Dit tarief geldt voor inkomens boven € 68.507,-. Zie hiervoor ook: Partneralimentatie vanaf 2020; aftrekbeperking en indexatie.

Het is belangrijk dat partijen ervoor kiezen fiscaal partner te zijn over het gehele jaar. Het bedrag, of de overwaarde in het huis, dat de ontvangende partij ontvangt is een bijtelling als ontvangen partneralimentatie. Bij de keuze voor fiscaal partnerschap kan de persoonsgebonden aftrek aan de alimentatie ontvangende partij worden toegedeeld. Dit heeft tot gevolg dat deze afkoopsom geen invloed heeft op de te ontvangen toeslagen. De afkoop vindt bijna fiscaal neutraal plaats. Het tariefverschil in de belastbaarheid (49,5%) en de aftrek (46% in 2020) is een belasting waar rekening men rekening me moet houden.

Ook de bijdrage in de Zorgverzekeringswet wordt in rekening gebracht. Dat is 5,45% (2020) over het inkomen tot € 57.232,-.

Aandacht moet worden gegeven aan het moment van inschrijven van de scheiding in de registers van de burgerlijke stand en het moment van levering van de woning. Alleen indien deze momenten in hetzelfde jaar plaatsvinden is deze fiscaal (bijna) neutrale toerekening mogelijk.

Vindt er een afkoop in liquide middelen plaats dan is het van belang dat deze betaling na inschrijving van de scheiding in de registers van de burgerlijke stand plaatsvindt. Ook hierbij geldt dat dit in het jaar van fiscaal partnerschap moet plaatsvinden (altijd een kalenderjaar).

 

[1] Deze aftrek wordt afgebouwd tot 37,05% in 2023